Gelukkig voor mijn schapen zijn er tot begin januari nog wel
plekken te vinden waar gras en andere planten groeien die ze lekker
vinden. Maar, omdat dit stelletje vindingrijke uitbrekers
niet meer achter het schapennet met
stroom te houden is, zet ik ze aan een zogenaamde geitenpin vast . In mijn eigen weitjes is het gras namelijk al
wel op dus ik zet ze op gemeentegrond.
En nu volgt er een periode waarin ze opmerkelijk weinig weten uit te
breken! Ik ga 's morgens naar ze toe,
nadat ik de pinnen op de juiste plek in de grond heb geslagen. Dan moet ik even snel zijn, want zodra ik de
deur open doe proberen ze hun kop langs mij heen te steken. Als de kop er
eenmaal langs is duwen ze mij op zij en stormen naar buiten. En als er een maal
1 langs is, zijn de andere twee ook niet meer te houden . Gelukkig heb ik er meestal aan gedacht om de hekken van de
wei dicht te doen, zodat ze nog niet veel verder komen. De keren dat ik wel een
hek open had laten staan moest ik rennen om wat schapenbrokken te pakken om ze
daarmee weer terug te lokken. Dan moet ik ze aan de lijn (eigenlijk :
sjorband) zien te krijgen. Met Silke en
Saartje geen probleem, die komen wel naar me toe lopen. Maar met de ram was het
in het begin wel anders. Als het me gelukt was ze in het stalletje te houden
dan kreeg ik hem wel. Maar als ze al ontsnapt waren naar de wei dan werd het
lastig. Steeds net voordat ik hem had zette hij het op een lopen. Daarom maakte ik maar een lus in de sjorband
om het zo om zijn kop te gooien. En dan
blijkt dat de buurvrouw al mijn vruchteloze
pogingen aan het gadeslaan is! Ze riep
me toe dat ik maar een cursus lasso werpen moest gaan volgen!
Als ik dan uiteindelijk alle schapen aan de lijn heb zet ik
ze eerst vast in het stalletje en neem
ze dan 1 voor 1 mee naar de pin. Tegelijk kan ook, maar dan heb je grote kans
dat je ze ondersteboven sleuren. Als er maar genoeg te eten is vinden ze het
geen probleem om aan de pin te staan, dat wil zeggen de eerste paar uur. Daarna
krijgen ze er toch wel genoeg van. Ze
kennen blijkbaar ook het spreekwoord: 'Wat je ver haalt is lekker' , want waar
ik ze ook neer zet, ze beginnen altijd eerst met het gras te eten waar ze nog nèt bij kunnen.
Dat resulteert vaak in een mooi rondje dat kaal is gegeten aan de randen
met daarbinnen een plek waar nog volop gras staat. Dat gras vinden ze nadat ze
er een dagje over heen gelopen hebben
niet meer lekker, dus er voor zorgen dat de binnenkant de volgende dag de
buitenrand van het rondje vormt helpt niet.
Omdat het deze winter nog niet echt koud is geweest en ik in
de herfst nog niet gespit heb ga ik in december en begin januari nog in de
moestuin spitten. Er staat heel wat onkruid en ik bedenk dat ik de schapen wel
een dagje in de moestuin aan de pin kan zetten zodat ze het onkruid vast voor
me opeten. Nadeel is wel dat als ik uit mijn werk thuiskom het pikdonker is en
ik ze dus in het donker daar weer moet ophalen.
Silke heeft blijkbaar het onkruid al snel op en gaat daarna veel heen en
weer lopen draaien. Als ik haar 's
avonds op kom halen is het èèn grote modderboel waar ze gestaan heeft. En
terwijl ik probeer om gelijk ook de pin uit de grond te krijgen loopt zij me
ondersteboven en lig ik daar in de modder te spartelen. En niet even zo beleefd
of sportief zijn om te wachten tot ik weer sta: nee hoor! Gewoon zo hard mogelijk blijven trekken, blijkbaar is het erg leuk om me ook nog een
beetje door de modder heen te sleuren. Totaal geen inlevingsvermogen die
beesten! Ik verdenk ze ervan dat ze 's
nachts om met staan te gniffelen met elkaar!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten